Cuba dag 4 | Viñales: de absolute parel van Cuba’s platteland.

Gepubliceerd op 26 oktober 2023 om 13:51

Een flinke afstand voor de boeg vandaag: van Las Terrazas rijden we verder naar het westen, richting de provincie Pinar del Río en de bijzondere Valle de Viñales, 2 uur en 123 km te gaan en dat zijn Cubaanse kilometers, die gaan niet zo snel. Het kleine dorp Viñales, de volgende stop op onze rondreis, ligt aan de rand van de gelijknamige vallei die met stip tot de meest fascinerende landschappen van Cuba behoort. Kalksteenrotsen, grotten, ondergrondse rivieren en de beroemde Cubaanse sigaar, redenen genoeg om ons 2 dagen onder te dompelen in een omgeving zo indrukwekkend en rijk aan natuur en tradities dat ze sinds 1999 op de Werelderfgoedlijst van UNESCO staat.   

 

♥ Op weg: van Las Terrazas naar Viñales

De bus in en onderweg door een vlak landschap, aan de zijkant afgetekend door de wazige toppen van de Sierra del Rosario, langs zoetwaterviskwekerijen en rijstveldjes en controleposten op de snelweg. Kleine dorpen, kleine huizen, soms erg keurig, soms erg vervallen en de auto op de oprit is  vervangen door het paard in de voortuin. Op het dorpsplein een gemeenschappelijke ruimte met televisie en computer voor de dorpelingen en een huis met verdieping voor de plaatselijke dokter en zijn assistent(e).

De provincie Artemisa schuift langzaam voorbij en maakt plaats voor de meest westelijke provincie van Cuba, Pinar del Río (of vertaald pijnboombos aan de rivier). Groen, groener, groenst met donkerrode vegen, dat zijn de kleuren van deze regio, de kleur van bossen en plantages en rijstvelden en fruitbomen gemengd met de kleur van de aarde. We zien een fantastisch decor verschijnen en verglijden, slechts onderbroken door de zeldzame en enkel hier voorkomende fossiele kurkpalmen, kleine palmbomen die al bloeiden en groeiden toen de dinosauriërs nog rondliepen op onze planeet.

Kilometer na vermoeiende kilometer naderen we eindelijk onze bestemming: de Valle de Viñales. Hoog op ons ‘moeten-we-zien’ lijstje want de meest opmerkelijke bezienswaardigheid in de Pinar del Río provincie. De Vallei van Viñales werd miljoenen jaren geleden gevormd en heeft nog steeds een prehistorisch kantje in de vorm van kilometerslange grottenstelsels, ondergrondse rivieren en mogotes (loodrechte hoge kalksteenheuvels met een afgevlakte top).

Met andere woorden, dit is één van de mooiste voorbeelden van een karstlandschap.

Hoe dat ontstond is in 2 zinnen uitgelegd al deed de natuur er eeuwen over. Door regen en erosie werd de kalkstenen oppervlakte in dit gebied aangetast, vormde gangen en grotten onder de grond, stortte in en gaf de mensheid een adembenemende erfenis, zo onwaarschijnlijk apart dat ook UNESCO onder de indruk was. In 1999 werd de hele streek op de Werelderfgoedlijst gezet, niet enkel om de prachtige omgeving maar ook om de tradities die in de vallei dagdagelijkse kost zijn en geen toeristentoneeltje.

De eeuwenoude methoden van tabak kweken en oogsten, op een ambachtelijke manier zonder 21e-eeuwse middelen, de unieke architectuur van de huizen en boerderijen en droogschuren, het behoort allemaal tot de beste 132 km² die Cuba te bieden heeft.

Van dat ‘nationale monument’ gaan we 100 % genieten bij het meest geweldige uitkijkpunt over de vallei en dat vind je op het plein naast Hotel Los JazminesHet hotel zelf is gesloten wegens herstellingswerken maar het zicht over de fotogenieke natuur is open en de inkom is gratis! Sta even stil om alles in je op te nemen want wat je ziet is werkelijk adembenemend! Vanaf dit punt heb je alle kenmerken van de Valle de Viñales in één grote panoramafoto verenigd: palmbomen, mogotes, tabaksvelden, rode aarde en kleine boerenhuisjes met houten muren en een dak van palmbladeren. Extra bonus: de opgetuigde os en de poserende Vaquero, helemaal in stijl voor de foto.

 

♥ Casas Particulares: de Cubaanse bed & breakfast

Met een hoofd nog vol beelden van wuivende palmen, rode aarden weggetjes, groene velden en hoge rechte heuvels, arriveren we in Viñales, een kleine dorp (al noemen ze zichzelf stad!) aan de rand van de vallei, waar we verblijven in een Casa Particular (zie mijn blog ‘Cuba voor dummies’).

Chaos bij aankomst van de bus waar de casa-eigenaars al staan te wachten op ons: wie gaat met wie mee? Niet iedereen kan immers terecht in dezelfde Casa. Die hebben vaak maar 1 of 2 kamers beschikbaar voor toeristen. Druk gebabbel, Vlaamse namen die op z’n Cubaans net anders klinken maar uiteindelijk is iedereen op weg naar zijn logeerhuisje.

Gesleur met valiezen over de onverharde straat, hotsende en botsende brommers, volgeladen paardenkarretjes, fietsers gepakt en gezakt, dames met een zonneparaplu, kleine felgekleurde ‘een-verdieping-hoge’ huisjes, een cocktailbar met palmendak die zo in een Caribische filmset kan … heel veel indrukken in een paar minuten.

Eerste gedachte bij het zien van onze Casa ‘Villa El Fausto’: hoe leuk, hoe schattig! Witte schommelstoelen en hangzetels op de veranda, een overvloed aan bloemen en planten o.a. de nationale bloem van Cuba (hier uitgegroeid tot een deftige struik met heerlijk geurende mariposa), een gezellig overdekt terras, een ruime nette kamer en superlieve dames … geen wifi, wel airco, veel en lekker en uitgebreid ontbijt en avondmaal (al is dat een te simpele naam voor alle schoteltjes die op tafel worden gebracht ) en wie amper Spaans spreekt of verstaat komt met gebaren en een glimlach al een heel eind!

De idyllische setting en de zachte zomerse avond zijn perfect om, precies zoals de inwoners van Viñales doen, de tijd te nemen om te ontspannen en te schommelen en te mijmeren over de schoonheid van dit merkwaardige stukje Cuba, ver weg van de moderne wereld. Een moment om te koesteren!   

 

♥ Finca Coco Solo: de wereld van de tabak

De volgende ochtend gaat alle eer naar Cuba’s beroemdste exportproduct: tabak en sigaren. Een bleek mager paardje, een gammele kar, een hobbelige en stoffige zandweg en op het programma een uitstap die boeiend beloofd te worden: de tabaksplantage Finca Agroecologica Coco Solo.

Wie het niet weet: de beste tabak, misschien wel de beste van de hele wereld, wordt gekweekt in de Vallei van Viñales die met zijn vruchtbare donkerrode aarde meteen goed is voor bijna 80 % van de Cubaanse tabaksproductie. Het zaaien, oogsten en verwerken van tabak is één van de voornaamste activiteiten in de vallei en daar zijn de boeren intensief mee bezig want de tabaksteelt gebeurt heel traditioneel, met de hand en met een ploeg ossen en eco-vriendelijk zoals het eeuwen geleden gedaan werd.

Op de omgeploegde velden worden 2 verschillende soorten tabak gepland: een soort waarvan de bladeren gebruikt worden voor de buitenkant van een sigaar en een andere soort die bladeren geeft voor de binnenkant. Van eind oktober tot eind januari groeien de kleine plantjes en zie je overal in de vallei wuivende groene kopjes uitsteken boven de rode aarde. Vanaf februari tot maart worden de bladeren manueel geplukt en gedroogd in de typische driehoekige droogschuren, wat 45 tot 60 dagen duurt. Daarna volgt nog een heel proces van gisting, strippen, rijping en sorteren voor de tabaksbladeren in de fabriek verwerkt worden tot sigaren.   

Van een ‘echte’ Cubaanse farmer, compleet met sigaar en strooien hoed, krijgen we een interessante, grappige en komische uitleg over hoe een minuscule zaadje uitgroeit tot een tabaksplant en hoe die plant tenslotte een sigaar wordt.

Met reden fier op zijn finca die de nodige certificado’s en reconocimiento’s ontving! De kunst van het aansteken en roken van die (vers van de pers gerolde) sigaar wordt met veel enthousiasme gedemonstreerd en even enthousiast geprobeerd door enkele (meer avontuurlijke) reisgenoten. Een rondje over de boerderij levert een paar geslaagde vakantiefoto’s op. Zalige herinneringen om thuis te herbekijken!  

En natuurlijk kunnen we ook sigaren kopen (merkloos en ter plaatse gefabriceerd) en daar hopen de tabaksboeren stilletjes op want 90 % van de opbrengst gaat naar de staat en slechts 10 % naar de plantage zelf. De productie, de distributie en de export van sigaren is in Cuba nog steeds volledig in handen van de staat.

Een wandeling terug vanaf de finca voelt als een stap terug in de tijd. Stress en haast en spoed en drukte vallen als overbodige dobbelstenen in de graskant, hier heerst de rust van het Cubaanse platteland op het langzame ritme van de ossenkar.

Een tabaksplantage bezoeken? Zeker de moeite waard en een must in Cuba! Trouwens, een rondreis in dit land zonder alles te leren over sigaren, dat kan eenvoudigweg niet! Cuba en sigaren, dat is één begrip!

 

♥ Cueva del Indio: per boot door de grot

De volgende stop is de Cueva del Indio, op een paar kilometer van het centrum van Viñales. Dit is één van de bekendste grotten in de streek, gedeeltelijk toegankelijk voor bezoekers én de enige grot in Cuba waar je met een bootje doorheen vaart. De vallei is dus niet alleen populair omwille van de tabaksplantages en de mogotes maar ook omwille van de vele karstgrotten.

Ooit de verblijfplaats van een inheemse indianenstam (vandaar de naam, de grot van de indiaan), terug ontdek in 1920 en nu een toeristische attractie inclusief ‘indiaan’, strooien hutje, kampvuur, souvenirs en vers geperst suikerrietsap.

Een fotorondje, een snelle snack en een drankje, we kunnen verder, de gids achterna, langs glibberige trappen naar omhoog, naar een opening tussen de rotsen. Het daglicht laten we buiten, binnen is het behoorlijk donker ondanks de elektrische lichtjes tegen de wanden.

Voetje voor voetje ontdekken we de magische wereld van stalactieten en stalagmieten, links en rechts en boven het smalle kronkelende paadje dat ons dieper de grot inbrengt. 

Na zo’n 200 m gaan we via al even glibberige trappen naar omlaag, naar een kleine aanlegsteiger aan de ondergrondse San Vicente rivier. Het is wachten op het motorbootje dat ons terug naar de buitenwereld moet brengen. Waarom denk ik ineens aan de Griekse mythe van de oude veerman en de boot op de gezegende rivier in de onderwereld?

Tijdens de korte boottocht (amper 400 m) toont de gids verschillende overblijfselen en grotschilderingen uit de precolumbiaanse tijd. Eerlijk, er is amper iets van zijn uitleg blijven hangen maar dat ligt aan mij, niet aan de gids!

Het einde van de tunnel, waar de rivier de grot verlaat en het heldere licht door een spleet in de rotsen naar binnen sijpelt, dat levert een schitterend plaatje op. Mooier dan de Cueva del Indio zelf is de uitgang waar je, omringd door heel veel kleuren groen, verrast wordt door de blauwe lucht en de warme middagzon.      

Geen wauw-ervaring dit grottenbezoek maar gewoon een goed idee als je in Viñales logeert. De weelderige tropische begroeiing, de vreemdgevormde rotsformaties en de keurig aangelegde tuinen maken het ‘30 minuten bezoek’ gewoon leuk om te doen!

 

♥ Viñales

Landelijk, authentiek, charmant, pittoresk, met een klein centrum rond het kerkplein, niet echt veel te zien maar des te meer sfeer en perfect gelegen om de Valle de Viñales te verkennen. Kort gezegd: dit is the place to be om het gewone leven op het platteland van nabij te ervaren. 

Hier wordt relaxen in drukletters geschreven en elk vrolijk gekleurd huisje heeft zijn vrolijke veranda, schommelstoelen inbegrepen. Het leven wordt hier buiten geleefd, op diezelfde veranda en op straat, met een sigaartje en een drankje en een muziekje.

De hoofdstraat (één lange straat die het dorpje in en weer uit loopt) lijkt zo uit een foto-album geplukt van een paar honderd jaar geleden. Sinds het ontstaan van Viñales in 1607 is de tijd hier af en toe stil blijven staan. De stoffige zijstraatjes zijn het toneel van paardenkarren, brommers en fietsers en de oldtimers die er rondrijden zijn echt oud (niet de opgepoetste en blinkende juweeltjes die we in Havana zagen).

Spelende (of vechtende) hondjes en scharrelende kippen, de lookverkoper en de broodman ... een bankje op het plein is het ideale plekje voor wat ongestoorde Cubaanse sightseeing.  

Aan cafés, eethuisjes, paladars en restaurants geen gebrek in Viñales en er zijn opvallend veel casas particulares want Viñales leeft van de toeristen! Die komen hier voor de omgeving en de natuur en de tabaksplantages. Let wel, ondanks de naam van het dorpje is er geen wijngaard te bespeuren, wel een schat aan originele koloniale huizen waardoor Viñales van de overheid de stempel (en de financiële steun) kreeg van “schoolvoorbeeld van een authentieke koloniale nederzetting”.

Het kleine Viñales, het heeft mijn hart veroverd! Ik wil er nog niet weg!  

 

Logeren: Villa El Fausto (adres: 27, Calle Adela Azcuy Norte – Viñales / Pinar del Río)

Bezoek tabaksplantage: Finca agro-ecológica integral "Coco Solo" (adres: Carretera al cementerio – Viñales / Pinar del Río)

Bezoek grot: Cueva del Indio (adres: 241 - Viñales / Pinar del Río)

Lunch: Pomodoro Restaurante (adres: 111, Calle Salvador Cisneros - Viñales / Pinar del Río)

Dinner: Cubar (adres: 55, Calle Salvador Cisneros - Viñales / Pinar del Río)

 


Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.